Het Eurovisie Songfestival

Mocht er deze week spectaculair nieuws zijn geweest van de Europese Commissie, de Europese Raad van Ministers of het Europees Parlement, dan heb ik het gemist, maar ik heb wel geluisterd naar het Eurovisie Songfestival in Athene. De term geluisterd had ik het liefst schuingedrukt en vet onderstreept weergegeven. Niet omdat ik niet in staat zou zijn de beelden op televisie te bekijken - zelfs als dat het geval was geweest zou ik nog steeds spreken over televisie kijken -, maar om te benadrukken dat een liedjesfestival wat mij betreft voornamelijk zou moeten gaan om de liedjes en niet om de belichting, de danspasjes, de kleding (of het ontbreken daarvan), de roddels, het commentaar van de verslaggevers of de politieke vriendjespolitiek.

Wie op deze manier naar het festival heeft gekeken, zal direct begrijpen dat de inzendingen van de Republiek Macedonië (12), Malta (24) en Frankrijk (22) op een teleurstelling zijn uitgelopen. In de finale was de zang bij hun inzendingen vals. Gelukkig waren er ook landen met inzendingen die wel de moeite waard waren Noorwegen (14), Zwitserland (17), Rusland (2), Bosnië & Herzegovina (3), Ierland (10) en Letland (16). De inzending namens Groot-Brittannië, Daz Sampson met Teenage life (19), had hoger dan de negentiende plaats kunnen eindigen als het achtergrondskoortje tijdens het optreden geen voorgrondskoortje was geworden of geheel vervangen was door een kinderkoor.

En nu het festival voorbij is, keert ook het jaarlijks terugkerende gezeur terug dat voormalig Oostbloklanden altijd op elkaar stemmen, de Scandinaviërs elkaar hoge punten toekennen en Nederland weer eens het slachtoffer is. Stemmen Nederlanders dan zo anders? In Nederland werd massaal gestemd op Turkije (11), Armenië (8), Bosnië & Herzegovina (3), Finland (1) en Litouwen (6). Vier van de vijf liedjes vallen binnen de uiteindelijke top 10. En de liedjes die aan het eind van de avond de eerste en de derde plaats bereikten, scoorden ook in Nederland goed. Turkije is de enige uitzondering, maar zou het feit dat de Turkse inzending in Nederland zo hoog scoorde ook niet te maken kunnen hebben met het aantal Nederlanders van Turkse afkomst?

Sommigen verlangen terug naar een vakjury. Vijf van de tien liedjes die afgelopen zaterdag van Nederland punten kregen waren afkomstig uit landen van de Europese Unie. Had dat er met een vakjury anders uitgezien? Als ik De Telegraaf mag geloven is dat niet het geval, want de schaduwjury in Nederland kende - met uitzondering van de Turkse inzending - ongeveer dezelfde liedjes hoge punten toe als de televoters. Slechte verliezers stellen nu zelfs voor om twee songfestivals te gaan houden: een West-Europese en een Oost-Europese. Met minder deelnemers is de kans dat je wint inderdaad groter, maar het winnen is dan wel minder leuk. Ach, misschien moet Nederland maar eens af van het idee dat een wedstrijd alleen maar leuk is als je wint. Met het oog op het aankomende Wereldkampioenschap voetbal in Duitsland, is dat misschien nog helemaal niet zo’n slecht voornemen.