Boete voor illegale tewerkstelling vraagt soms om belangenafweging

Stel, u runt een eenmanszaak en bent in die hoedanigheid eigenaar van een grillbar. De inkomsten van de zaak gaan achteruit, waardoor de normale bedrijfsschulden niet kunnen worden betaald. Omdat het aantal klanten wel fors is, besluit u een vreemdeling met Soedanese nationaliteit (zonder tewerkstellingsvergunning) tijdens de sollicitatieprocedure te laten werken om te kijken of hij geschikt is voor de werkzaamheden. En dan vinden er nét controles plaats en krijgt u een boete van 4.000 euro op grond van artikel 19a jo. 2 Wet arbeid vreemdelingen (afgekort: WAV).

Dit overkwam de eigenaar van een grillbar in het arrondissement van de rechtbank te Amsterdam. De man had begin 2006 niet meer dan 1.200 euro per maand om zichzelf en zijn gezin te onderhouden, waarvan 856,81 euro opging aan vaste lasten (huur, gas, licht, water, telefoon, woonbelasting, radio en tv). Van wat overbleef moest eten, kinderopvang en het vervoer van zijn vrouw naar een taalcursus Nederlands worden betaald. Een jaar later waren de premies voor de ziektekostenverzekering, gas en licht met in totaal meer dan 100 euro gestegen, waardoor de situatie voor het gezin alleen nog maar penibeler was geworden. Zelfs het voorstel van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om het boetebedrag in termijnen van €165,- te betalen, was gezien de financiële situatie van de ondernemer onhaalbaar. Maar komt hij er dan nu mee weg?

Illegale tewerkstelling

Met de Wijziging van de Wet Arbeid Vreemdelingen in verband met de invoering van bestuursrechtelijke handhaving(1) heeft de formele wetgever ‘lik op stuk beleid’ willen invoeren om illegale tewerkstelling te bestrijden. Daarom overweegt de president van de rechtbank in overweging 7.2 ook: De omstandigheden dat de betreffende vreemdeling werkzaamheden op proef zou hebben verricht en er nog geen sprake was van een arbeidsovereenkomst doen niet af aan dit oordeel. Verweerder was derhalve bevoegd een boete op te leggen. Een vreemdeling (zonder tewerkstellingsvergunning) laten werken is niet toegestaan. Met- of zonder contract, bezoldigd of onbezoldigd, op proef of niet. Het doet allemaal niet ter zake.

Het boetebedrag van 4.000 euro is vastgelegd in de bijlage ‘Tarieflijst boetenormbedragen bestuurlijke boete WAV’ bij de Beleidsregels boeteoplegging WAV.(2) Maar volgens artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht behoort een bestuursorgaan de eigen beleidsregels te volgen, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen. Met ‘bijzondere omstandigheden’ worden in dit geval individuele omstandigheden met een zeer uitzonderlijk karakter bedoeld. In casu is een punitieve boete opgelegd. Dit is een punitieve sanctie, waardoor de bestuursrechter vol mag toetsen of de nadelige gevolgen van het besluit niet onevenredig zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen. En die vraag beantwoordt de bestuursrechter bevestigend. Hierbij acht de rechtbank van belang dat de mogelijkheid dat verzoekers bedrijf als gevolg van de betaling van de boete failliet gaat dan wel in zeer ernstige financiële problemen komt, niet op voorhand is uit te sluiten. De voorzieningenrechter overweegt dat een eventueel faillissement van het bedrijf onevenredig moet worden geacht met het door de beleidsregel te dienen doel.(3) Hij doet de zaak vervolgens zelf af (Art. 8:86 Awb) en vernietigt het besluit van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid omdat het ondeugdelijk gemotiveerd is (Art. 7:12 Awb).

Voetnoten

1
Wet bestuurlijke boete arbeid vreemdelingen; TK 2003-2004, 29 523, nr. 3.
2
Beleidsregels boeteoplegging WAV: Staatscourant nr. 249 van 24 december 2004.
3
Rb. Amsterdam; 27 april 2007, LJN BB8226, Ov 8.6.