Art. H 1 Kieswet bevat dwingend recht

De termijn die in artikel H 1 Kieswet wordt gegeven voor het indienen van de kandidatenlijst bij het Hoofdstembureau voor deelname aan de verkiezing van de leden van de gemeenteraad, is een fatale termijn. Wie de kieslijst te laat inlevert, kan niet meer meedoen.

De aanleiding

Op maandag 23 januari 2006 om 15.13 uur heeft de politieke groepering ‘PvdA-D66-GroenLinks’ haar kandidatenlijst voor de deelname aan de gemeenteraadsverkiezing bij het Hoofdstembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Margraten (hierna: het Hoofdstembureau) ingeleverd. Dat was 13 minuten later dan ingevolge artikel H 1 lid 1 Kieswet was voorgeschreven; fractievoorzitter Jean Schrijen werd - zo stond in de Volkskrant van 3 februari 2006 te lezen - opgehouden in het verkeer.(1) De voorzitter van het Hoofdstembureau had de lijst desondanks geldig verklaart - er zou sprake zijn van een verschoonbare termijnoverschrijding -, maar daartegen heeft Jef Flamand, een inwoner van de gemeente, beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Art. H 1 lid 1 Kieswet:
Op de dag van de kandidaatstelling kunnen bij de voorzitter van het hoofdstembureau of bij het door deze aan te wijzen lid van dat bureau, op de secretarie van de gemeente waar dit bureau is gevestigd, van negen tot vijftien uur, kandidatenlijsten worden ingeleverd.

De rechtsvraag

Kan een kandidatenlijst later worden ingediend dan binnen de in artikel H 1 lid 1 Kieswet voorgeschreven termijn, indien er sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding?

Het antwoord

De ABRvS beantwoordt de bovenstaande vraag in dit geval ontkennend, en verwijst daarbij naar artikel I 5 van de Kieswet. In artikel I 5, aanhef en onder a, Kieswet staat dat een Kieslijst ongeldig moet worden verklaard, indien: “die niet op de dag van de kandidaatstelling tussen negen en vijftien uur bij de voorzitter van het hoofdstembureau of het door deze aangewezen lid is ingeleverd.” De Afdeling merkt daarover op: Deze bepaling is dwingend van aard en vereist strikte naleving. Dit volgt ook uit artikel I 2 van de Kieswet, waarin geen mogelijkheid is geboden tot herstel van te late indiening van kandidatenlijsten. Uit de jurisprudentie van de Afdeling blijkt evenwel dat desondanks een termijnoverschrijding in zeer uitzonderlijke gevallen verschoonbaar kan zijn. De Afdeling is met de Kiesraad, blijkens de door hem gegeven reactie, van oordeel dat te dezen van een zodanig geval geen sprake is ....(2) In dit geval had de indiener van de kandidatenlijst geen (of te weinig) marge ingebouwd voor eventuele vertragingen in het verkeer en er bewust voor gekozen tot het laatste moment te wachten met het inleveren van de kandidatenlijst (wegens arbeidsverplichtingen elders). De Afdeling is dan ook van mening dat het Hoofdstembureau de kandidatenlijst op grond van artikel I 5, aanhef en onder a, Kieswet ongeldig had moeten verklaren en doet alsnog wat het Hoofdstembureau had moeten doen.

Voetnoten

1
Peter de Graaf, Progressief Margraten in zak en as, Volkskrant, 3 februari 2006.
2
ABRvS 2 februari 2006 Gst. 2008, 119 m.nt. red. (Kandidatenlijst PvdA-D66-GroenLinks).