Optreden tegen onrechtmatigheid, niet tegen bedrijf

Een bestuursorgaan dat handhavend wil optreden door middel van een herstelsanctie, moet een last opleggen die gericht is op het herstel van de overtreding. De last mag niet op iets anders zien; bijvoorbeeld op de aanwezigheid van een bedrijf als zodanig.

Het College van Burgmeester en Wethouders van de gemeente Den Haag heeft bij besluit van 10 december 2007 Emigro International B.V onder oplegging van een dwangsom gelast het met het geldende bestemmingsplan strijdige gebruik van een pand Van de Kunstraat te staken en gestaakt te houden.

Bedrijfsdoeleinden

Volgens het ter plaatse geldende bestemmingsplan rust op het pand de bestemming ‘bedrijfsdoeleinden’. De daar geldende planvoorschriften bepalen dat het pand daarom bedoeld is voor detailhandel, uitsluitend gericht op de zakelijke markt. De groot- en detailhandel in levensmiddelen en huishoudelijke artikelen die zich tevens bezighoudt met de im- en export van bedoelde producten, verkocht ter plaatse echter ook aan consumenten. Omdat aannemelijk gemaakt kon worden dat de verkoop aan particulieren plaatsvond, anders dan als ondergeschikte activiteit bij de groothandel en de detailhandel gericht op de zakelijk markt, was het bestuursorgaan tot handhaving bevoegd.

Herstelsanctie gericht op herstel

Een herstelsanctie – zoals een last onder bestuursdwang (Art. 5:21 Awb) en een last onder dwangsom (Art. 5:32 Awb) – moet echter wel gericht zijn op herstel van de onrechtmatige situatie en daarvoor geschikt zijn. Wanneer de enige reële manier om aan de dwangsomaanschrijving te voldoen het sluiten van het bedrijf is, dan is dat – in dit geval – een maatregel die veel verder gaat dan nodig is om de rechtsorde te herstellen. In haar uitspraak van 14 oktober 2009 zegt de Afdeling hierover: In dit verband overweegt de Afdeling dat de rechtvaardiging voor het opleggen van een last onder dwangsom uitsluitend kan zijn gelegen in het feit dat sprake is van een overtreding van het bepaalde bij of krachtens een wettelijk voorschrift. Dit betekent dat de last onder dwangsom derhalve uitsluitend kan zijn gericht op de beëindiging van die overtreding. In dit geval bestaat de overtreding uit detailhandelsactiviteiten ten behoeve van particulieren. De overtreding wordt derhalve reeds beëindigd indien deze activiteiten worden gestaakt.(1)

Voetnoten

1
ABRvS 14 oktober 2009 LJN BK0094.