Advocaat verzoekt tevergeefs om wraking hof

Dat een rechter die bij de rechtbank vonnis heeft gewezen in een zaak nu sectorvoorzitter van de sector straf is bij het gerechtshof waar het hoger beroep behandeld zal worden, is geen aanleiding om de rechters van het hof te wraken.

Een advocaat uit ’s Hertogenbosch heeft op 1 oktober 2009 namens zijn cliënt een verzoek ingediend om de drie raadsheren van het gerechtshof, die de strafzaak tegen zijn cliënt in hoger beroep zouden behandelen, te wraken. Volgens de raadsman zou het voor de drie rechters zeer moeilijk, zo niet haast onmogelijk zijn om een beslissing te nemen die erg afwijkt van het vonnis dat in eerste aanleg door de rechtbank Utrecht is gewezen. Dat zou, aldus de advocaat, komen omdat één van de rechters die het vonnis van de rechtbank Utrecht heeft gewezen, inmiddels sectorvoorzitter van de strafsector van het gerechtshof is.

De (on)macht van de sectorvoorzitter

Mag de sectorvoorzitter van het gerechtshof invloed uitoefenen op concrete zaken die bij het hof ter behandeling liggen? Nee, artikel 23 lid 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie verbiedt dat expliciet. De raadsheer was echter bang dat iedere raadsheer van het gerechtshof in zijn achterhoofd de bijzondere positie van de sectorvoorzitter zou hebben. Eigenlijk wilde hij dus dat de strafzaak in hoger beroep naar een ander gerechtshof verwezen zou worden.

Art. 23 lid 2 Wet op de rechterlijke organisatie
Bij de uitvoering van de taken, bedoeld in het eerste lid, treedt het bestuur niet in de procesrechtelijke behandeling van, de inhoudelijke beoordeling van alsmede de beslissing in een concrete zaak of in categorieën van zaken.

Beïnvloeding niet aannemelijk gemaakt

De rechter dient in Nederland onafhankelijk en onpartijdig recht te spreken. De Grondwet, en andere wettelijke voorschriften, bevatten regels die deze onpartijdigheid en onafhankelijkheid van rechters moeten waarborgen. Vandaar dat deze onpartijdigheid bij de rechter wordt vermoed uit hoofde van zijn aanstelling. Dit lijdt slechts uitzondering indien zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat de rechter jegens een verdachte een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij de verzoeker dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is, aldus de wrakingskamer van het gerechtshof Arnhem.(1) De sectorvoorzitter mag, zoals in de vorige paragraaf reeds gemeld, niet inhoudelijk treden in een zaak die wordt behandeld door (andere) raadsheren van het gerecht. Nu de advocaat ook niet aannemelijk heeft kunnen maken dat dit wèl is gebeurd, dat de rechters zich hebben laten beïnvloeden of beïnvloed voelen door de sectorvoorzitter, is het wrakingsverzoek afgewezen.

Voetnoten

1
Hof Arnhem, 16 november 2009, LJN BK4754.