Subsidiëring politieke partijen

Subsidie voor een meerjarig projectprogramma is niet incidenteel en behoeft daarom altijd een wettelijke grondslag.

De Vereniging van Plaatselijke Politieke Groeperingen heeft de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om projectsubsidie gevraagd. Met deze subsidie wilde de vereniging vanaf het jaar 2001 een reeks activiteiten ontplooien, die allen moesten bijdragen aan de kwaliteitsverbetering van raadsleden van lokale, niet-landelijk georganiseerde, politieke partijen. Het betrof, aldus de vereniging, een meerjarig programma. Dit verzoek om subsidie is door de minister afgewezen.

Geen incidenteel geval

Op grond van artikel 4:23, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht mag een bestuursorgaan alleen subsidie verstrekken op grond van een wettelijk voorschrift dat regelt voor welke activiteiten subsidie kan worden verstrekt. Dat deze grondslag hier ontbrak, werd door partijen niet betwist. Echter, in incidentele gevallen mag, mits de subsidie voor ten hoogste vier jaren wordt verstrekt, ook subsidie worden verleend in afwijking van het eerste lid van die bepaling (art. 4:23 lid 4 onder d Awb).

Gelet op het feit dat het een aanvraag voor projectsubsidie betrof voor een meerjarig programma, is de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State echter van mening dat de minister zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat de aanvraag niet op een incidenteel geval betrekking heeft. De minister heeft het verzoek derhalve terecht niet ingewilligd, hetgeen niet op gespannen voet staat met de, aan de – voormalige – Federatie Politiek Onafhankelijke Groeperingen verleende, subsidie ten behoeve van lokale en regionale politieke partijen, aangezien het daar honorering van een incidenteel projectvoorstel betrof.(1)

Notitie

Uit de uitspraak aangaande Zwembad de Luttenberg (AB 2004, 195) was reeds bekend dat een subsidie alleen incidenteel kan zijn als er geen beleid is (bijvoorbeeld beleidsregels) en evenmin een vaste bestuurspraktijk. In de onderhavige uitspraak wordt wel ingelezen dat een subsidie ook niet incidenteel is als een wettelijk voorschrift er uitdrukkelijk voor kiest om de desbetreffende activiteit juist niet te subsidiëren.

Voetnoten

1
ABRvS 18 juni 2003, LJN AG1659. Ook gepubliceerd in AB 2003, 368 m.n. NV.