Woonboot is bouwvergunningplichtig object

Het vast afmeren van een woonboot valt onder de definitie van bouwen in de zin van de Woningwet, zodat hiervoor een bouwvergunning vereist is.

Op 2 juni 2008 heeft het college van burgemeester en wethouders van Waalwijk geweigerd een woonbootbewoner vrijstelling en een bouwvergunning te verlenen voor het realiseren van twee spudpalen ten behoeve van het afmeren van een woonboot. Het bezwaarschrift dat de woonbootbewoner heeft ingediend tegen deze weigering, is op 6 januari 2009 ongegrond verklaard. Niettegenstaande de ontbrekende vergunning, had de woonbootbewoner de sputpalen echter al geplaatst en zijn woonboot aangemeerd. Daarom heeft het college van burgemeester en wethouders bij besluit van 26 augustus 2008 de bewoner van de woonboot een last onder dwangsom opgelegd ter verwijdering van diens woonboot inclusief sputpalen et cetera.

Een bouwvergunningplichtig bouwwerk

In het hoger beroep dat het college van burgemeester en wethouders en de bewoner van de woonboot tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Breda heeft ingesteld, moest de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State onder andere de vraag beantwoorden of er in casu sprake was van bouwen in de zin van artikel 1, eerste lid, aanhef en onder a van de Woningwet.

Art. 1 lid 1 (a) Woningwet:
bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een standplaats;

Het woord bouwwerk is niet gedefinieerd in de Woningwet. De Afdeling zoekt bij de uitleg van dit begrip aansluiting bij de definitie die in de modelverordening van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is gekozen. Deze luidt: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren.(1) De woonboot waar het in dit praktijkgeval om ging, had een afmeting van 6 bij 18 meter en was door middel van stalen kabels verankerd aan twee stalen meerpalen met elk een diameter van 40 centimeter. Deze palen stonden deels onder water en zijn in de waterbodem gebouwd. Dat maakt volgens de Afdeling dat de woonboot een bouwwerk is in de zin van de Woningwet. Gelet op de verankering door middel van stalen beugels aan de meerpalen is sprake van een plaatsgebonden constructie, nu de woonboot in combinatie met de meerpalen bedoeld is om ter plaatse als woning te functioneren. Gelet op de constructie, de verbondenheid met de grond en de plaatsgebondenheid, moet de woonboot inclusief de meerpalen als een bouwwerk in de zin van de Woningwet worden aangemerkt.(2)

Voetnoten

1
ABRvS 17 oktober 2001, LJN AE2659. Ook gepubliceerd in Gst. 2002, 7172, 11.
2
ABRvS 7 april 2010, LJN BM0217.