In beroep is het bestreden besluit het besluit op bezwaar

In beroep toetst de rechter, in het algemene rechtsbeschermingssysteem van de Algemene wet bestuursrecht, het besluit op bezwaar. Indien het beroep gegrond is, wordt dit besluit geheel of gedeeltelijk vernietigd. Het is aan het bestuursorgaan om dan een nieuw besluit op bezwaar te nemen.

In Utrecht staat de Prof. Kohnstammschool. Het schoolgebouw is eigendom van de Stichting Primair Openbaar Onderwijs. Deze stichting heeft het college van burgemeester en wethouders een bouwvergunning gevraagd voor het vergroten van de school. Bij besluit van 1 oktober 2008 heeft het bestuursorgaan de gevraagde vergunning verleend. Een inwoner van Utrecht die nabij de school woont, heeft bestuursrechtelijke rechtsbescherming tegen dit besluit gezocht. Hij diende een bezwaarschrift in. Dit bezwaarschrift werd op 28 januari 2010 door het college ongegrond verklaard. Tegen dit besluit ging hij in beroep bij de rechtbank in Utrecht, die bij uitspraak van 9 april 2010 het bestreden besluit vernietigde en het college opdroeg een nieuw besluit te nemen. Appellant was echter nog immer ontevreden en stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Volgens hem had de rechter niet alleen het besluit op bezwaar, maar ook het primaire besluit – dat wil zeggen: de bouwvergunning zelf – moeten vernietigen.

Het bestreden besluit

In het algemene rechtsbeschermingssysteem van de Algemene wet bestuursrecht staat in de bezwaarprocedure het primaire besluit centraal. Tijdens het beroep bij de rechtbank beoordeelt de rechter het besluit op het bezwaarschrift en in hoger beroep beoordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State de beslissing van de rechtbank. De appellant kreeg van de Afdeling dan ook ongelijk. Zij overwoog in rechtsoverweging 2.3: Anders dan [appellant] betoogt, bestaat geen grond voor het oordeel dat de rechtbank niet heeft kunnen volstaan met een vernietiging van dat besluit, maar eveneens het besluit van 1 oktober 2008 had moeten herroepen en de bouwvergunning weigeren. Daartoe is van belang dat artikel 8:72, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) de rechter de plicht oplegt het bestreden besluit geheel of gedeeltelijk te vernietigen indien het (hoger) beroep gegrond is. Deze plicht strekt niet zover dat eveneens het primaire besluit dient te worden herroepen. Daarbij is in dit geval van belang dat de door de rechtbank in het besluit van 28 januari 2010 geconstateerde gebreken in het nieuw te nemen besluit op bezwaar alsnog hersteld zouden kunnen worden.(1)

Voetnoten

1
ABRvS 15 december 2010, LJN BO7317.